sport.jpg

Oud-Zaenden

De Zaanse geschiedschrijver Hendrick Soetenboom schreef in 1640 over een nederzetting 'Oud Zaenden' geheten, gelegen aan de monding van de Zaan, op de westoever. Dit zou een middeleeuws dorp zijn dat in 1155 door de West-Friezen werd aangevallen. Het is later vanwege wateroverlast verlaten.
Lange tijd bestond er twijfel over de authenticiteit van dit verhaal. Bij het graven in 1737 van de Nieuwe Haven in Zaandam, momenteel het deel van de haven tussen de Provincialeweg en de Houthavenkade, werden echter oude scherven, doodskisten en skeletten gevonden. Bij het verleggen van de spoorlijn in 1905 tussen station Zaandam en de Hembrug trof men wederom aardewerk en doodskisten aan. Deze kisten waren gemaakt van uitgeholde boomstammen.
Het aardewerk werd gedateerd in de 11de of 12de eeuw.

Het verhaal van Soetenboom bleek dus op waarheid te berusten. Na de overstromingen kwam aan de bewoning in dit deel van Zaandam een einde. Rond de Dam is in die tijd een nieuwe nederzetting ontstaan. Waarschijnlijk zijn de bewoners van Oud-Zaenden iets meer landinwaarts getrokken, bij de laag liggende IJ-oever vandaan en hebben daar in het veen bij de Dam in de Zaan een nieuwe nederzetting gesticht. Later is Zaandam hieruit voortgekomen.

De twee vindplaatsen liggen enige honderden meters uit elkaar waardoor het dorp Zaanden een flinke omvang gehad moet hebben. Het is niet uitgesloten dat nog steeds resten van dit Oer-Zaandam in de bodem verborgen liggen.

Bouwplannen op het zeer nabij gelegen Hembrugterrein noodzaakten tot een verkennend booronderzoek om vast te stellen of Oud-Zaenden zich ook over het Hembrug terrein uitstrekte. Uit het onderzoek bleek dat de kern van het Hembrugterrein wel een oud middeleeuws schiereiland was, maar dat er geen oude bewoningsresten lagen.