linker_visual_kanaalzone

Verbreding dr. J.M. den Uylbrug

Bouw ‘nieuwe’ dr. J.M. den Uylbrug begonnen
Een groot project in een heel krappe ruimte

‘De gang zit er in,’ zegt Arno Insing van bouwbedrijf Ballast Nedam. De Dr. J.M. den Uylbrug in Zaandam wordt in sneltempo verbreed. Pal ernaast komt een ‘zwevende’ fietsbrug van staal. Een uitdaging, volgens de bouwers. De ruimte om te werken is heel krap. Maar de beloning is groot: met de nieuwe brug is de Zuidelijke Randweg straks - op 31 december 2012 - klaar. Opstoppingen worden hiermee voorkomen.

Het is een komen en gaan van allerlei bouwvoertuigen bij de kleine keet die bouwbedrijf Ballast Nedam pal onder de brug, aan de Zuiddijk heeft neergezet. Voor wie er nog aan mocht twijfelen: de bouw van de vernieuwde Dr. J.M. den Uylbrug is nu echt begonnen. Tot volle tevredenheid van Jan Stolk, procesmanager van de gemeente Zaanstad. Hij is al ruim acht jaar bezig met de voorbereidingen en de financiering. En was bovendien - vanaf 1985 - betrokken bij de bouw van de oorspronkelijke Den Uylbrug.

‘Toen al berekenden de verkeerskundigen dat deze brug in 2010 te smal zou zijn,’ vertelt Stolk. Dat blijkt te kloppen. De brug met z’n twee rijstroken is een flessenhals geworden tussen de Thorbeckeweg en de nieuwe Zuidelijke Randweg richting Beverwijk. Vooral ‘s ochtends en ‘s avonds lopen de kruispunten aan beide kanten vol. Als de brug open staat, is het een kakofonie van stationair draaiende (vracht)auto’s.

Gesneden koek
Arno Insing van bouwbedrijf Ballast Nedam is wel wat gewend. ‘Maar het is zeker een uitdaging,’ benadrukt hij. ‘Enerzijds vanwege de beschikbare ruimte. Het is krap, omdat we over de Havenstraat niets kunnen aan- of afvoeren. We moeten namelijk overlast voor de omwonenden voorkomen en de funderingen daar ontzien. De andere uitdaging is dat we bouwen op het water. Dat is echt géén gesneden koek. Op het land voer je alles via vrachtwagens aan. Nu moet het uiteindelijk via het water. Waarbij we ook te maken hebben met druk scheepvaartverkeer dat gewoon doorgaat.’

Snelle oplossing voor fietser en voetganges
Met de verbreding van twee keer één naar twee keer twee rijstroken voor het autoverkeer, blijft er geen ruimte over voor fietsers. Een fietsstrook tegen de brug aan plakken? Dat bleek de bestaande brug niet meer te kunnen dragen. Er komt daarom een nieuwe fiets- en voetbrug op vijf tot tien meter afstand van de bestaande brug. Wel moet er dan tijdens de bouwwerkzaamheden een alternatief zijn voor fietsers en voetgangers. Een pontje bijvoorbeeld, een pendelbusje of een baileybrug. Of een omleidingsroute van vele kilometers. De aannemer kwam met een slimmer idee: door extra maatregelen wordt de nieuwe fiets- en voetbrug sneller gebouwd, zodat daarna de ombouw van de bestaande brug op tijd, voor 31 december 2012 gereed is.

Kromming
Er is dus gekozen voor een fietsbrug die los staat van de autobrug. En niet zomaar eentje. Leo van de Bij begint te stralen. Zijn bedrijf, BSB Staalbouw, bouwt in Friesland een unieke stalen brug, die straks op een aantal stalen pijlers (‘schuin uitgebogen’) vastgelast wordt. In de brug zal een opmerkelijke kromming zitten, waardoor het lijkt alsof de slanke brug zweeft boven het water van de Voorzaan.

‘We voeren die brug straks aan in drie delen van zo’n zestig meter op een ponton over het water, via het IJsselmeer en het Noordzeekanaaal. De klep ('het val') van 18 meter wordt rechtopstaand vervoerd. Dus dat wordt nog een mooi gezicht! Vervolgens zetten we de brug hier ter plaatse in elkaar. Dat wordt nog passen en meten, want volgens de norm mag je tussen brug en pijler nauwelijks verschil hebben', aldus Van de Bij, die ook nog op de golfslag wijst. En op het feit dat het scheepvaartverkeer te allen tijde doorgaat.

Glazen schermen
Toch is de fietsbrug straks als eerste klaar. De planning gaat uit van eind februari 2012. Daarbij zal het aanzicht van de dr. J.M. den Uylbrug - ook vanaf het water - al opmerkelijk veranderen. En er gaat nog veel meer gebeuren. 'Op de autobrug bijvoorbeeld wordt niet alleen het profiel aangepast, ook komen er glazen geluidsschermen op de plaats van de dichte, zodat iedereen straks vanaf de brug vol zicht op het water én de wijken erom heen heeft. ‘Als de glazen gewassen zijn, natuurlijk,’ zegt Van de Bij.

Ook opvallend: langs de brug komt, zoals Jan Stolk het noemt: technisch lineair groen. Hagen van hedera (klimop) met daarachter wat hogere bomen die het fijnstof, remslijpsel en andere milieuoverlast van het verkeer zoveel mogelijk opvangen. Met de aanplant van dat groen is nu al begonnen.


Van links naar rechts: Leo v.d. Bij (BSB Staalbouw), Jan Stolk (Gemeente Zaanstad en Arno Insing (Ballast Nedam)
Foto: Mike Bink



Minder zichtbaar, maar voor de bouwers heel belangrijk, zijn de specifieke veiligheidsnormen waaraan de bruggen straks voldoen. Arno Insing: ‘We moeten alle pijlers in het water zwaarder uitvoeren dan vroeger, in verband met de huidige voorgeschreven aanvaarbelasting. Je moet rekening houden met het feit dat containerschepen groter en zwaarder worden - en de Zaan op komen.’ Het beton van de brug zelf wordt niet verzwaard om de grote stromen vrachtverkeer aan te kunnen. Dat is niet nodig, omdat daar bij de bouw van de oude brug al rekening mee is gehouden. Het beweegbare deel - de stalen klep die BSB bouwt voor de autobrug – zal uiteraard voldoen aan de nieuwste belastingseisen.

Tweede Coentunnel
De uitbreiding van de dr. J.M. den Uylbrug klinkt zo als een enorm project. En dat ís het ook, benadrukt Jan Stolk van de gemeente. Maar de noodzaak staat voor hem buiten kijf. De hoeveelheid (vracht)verkeer op de Zuidelijke Randweg stijgt alleen maar - zeker als straks ook nog de Tweede Coentunnel gereed is. De huidige, smalle brug is een bottleneck, die alleen maar overlast oplevert. Voor het verkeer, maar ook voor de omwonenden. Stolk: ‘En natuurlijk is niet iedereen gelukkig met de verbreding omdat het hier nog drukker wordt. Aan de andere kant is er geen enkel bezwaarschrift ingediend - en dat is toch bijzonder voor een project van deze grootte.’

Arno Insing van Ballast Nedam spant zich intussen in om de overlast tijdens de bouw zoveel mogelijk te beperken. Het helpt daarbij dat hij en zijn bedrijf de omgeving kennen. 'We zitten hier natuurlijk om de hoek,’ aldus de bouwer. ‘We werken in principe van zeven tot zes, slechts een enkele keer ‘s nachts. Zelfs het heiwerk valt me'. Dat doen we met schroefpalen,- dan hoor je alleen de motor. En we zullen regelmatig overleg voeren met de Havendienst en de afdeling Verkeer om overlast tot een minimum te beperken. Ja, zelfs met de Dam-tot-Dam loop, die hier tijdens de bouw twee keer pal langs gaat, en met de wielerronde, die hier overheen gaat, houden we rekening.’