Financiën
Hieronder vindt u meer informatie over de financiën.
De begroting van Zaanstad is circa € 600 miljoen groot. De laatst vastgestelde begroting 2022-2025 laat zien dat de uitgaven en inkomsten voor de komende jaren in evenwicht zijn, met een overschot in de latere jaren vanaf 2025.
Er hebben zich na vaststelling van deze begroting veel ontwikkelingen voorgedaan die het financiële kader meerjarig beïnvloeden: het nieuwe regeerakkoord, loon- en prijsontwikkelingen, gemeentefondscirculaires en meer. In de Staat van Financiën is een groot deel van deze ontwikkelingen beschreven. Daarna is de Burap 2022 opgesteld en zijn er wederom nieuwe autonome ontwikkelingen in beeld gebracht. In de Kaderbrief 2023-2026 zal meer inzicht en duiding worden gegeven op deze ontwikkelingen.
Samengevat geeft dit de onderstaande ontwikkeling van het saldo van de meerjarenbegroting (zie eerste tabel hieronder). Als gevolg van de toenemende rijksuitgaven in het regeerakkoord zien we ook een stijging in het gemeentefonds. Omdat het Rijk met de VNG werkt aan een nieuwe systematiek voor de financiële afspraken met medeoverheden heeft het Rijk in 2026 een lage raming van het accres voor het gemeentefonds opgenomen. Het accres is de toe- of afname van het gemeentefonds en afhankelijk van de ontwikkeling van de rijksuitgaven. Wij rekenen er op dat het Rijk en de VNG tot een oplossing komen ten aanzien van een reële financiering van gemeenten en daarom ramen wij het accres van het gemeentefonds van 2025 structureel door naar de latere jaren. Dit is in onderstaande tabel verwerkt.
Na verwerking van al deze ontwikkelingen geeft het financieel kader ruimte om de ambities van dit akkoord uit te voeren. De ambities uit de verschillende hoofdstukken van het coalitieakkoord zijn vertaald naar structurele en incidentele posten en daar toegelicht.
In de tweede tabel hieronder volgt een integraal overzicht per hoofdstuk. Binnen het hoofdstuk Financiën, bestaande uit leges en belastingen, zijn nog twee ambities opgenomen. Zo wordt de hondenbelasting vanaf 2023 voorgoed afgeschaft. En worden de leges voor kleine evenementen de komende vier jaar niet verhoogd. Het financieel overschot in 2022 wordt voor € 9,9 miljoen gedoteerd aan de vereveningsreserve van de begroting. Deze middelen worden ingezet in de jaren 2023 en 2024.
Er resteert in 2022 dan nog een voordelig saldo van € 1,5 miljoen. De coalitie wil graag voortvarend starten met de uitvoering van het akkoord, bijvoorbeeld met de werving van benodigd personeel. De financiële ruimte in 2022 geeft de coalitie mogelijkheid daartoe.
De groei van Zaanstad, de toenemende complexiteit in vraagstukken en onze keuze om de nadruk op uitvoering en kwaliteit te leggen, dwingt ons ook om kritisch na te denken over onze toekomstige gemeentelijke organisatie. Het gaat daarbij niet alleen om het aantal medewerkers maar ook om de kwaliteit, inrichting en beheersing van de processen in de organisatie.
Uitvoeringsvraagstukken zoals verstedelijking, ondermijning en mobiliteit vragen nieuwe competenties van onze medewerkers en andere werkvormen. We willen onnodige regels vermijden en de werkdruk verminderen, om zo nog effectiever en efficiënter te kunnen werken aan de realisatie van onze doelstellingen.
Wij hanteren de volgende begrotingsregels:
- De programma’s in de begroting worden ingedeeld naar de zes strategische opgaven plus een hoofdstuk Rechtvaardige overheid die gaat over de samenleving
& het bestuur en een hoofdstuk Financiën. - De meerjarenbegroting moet structureel in evenwicht zijn, zowel in het eerste begrotingsjaar als in het vierde (laatste) begrotingsjaar. Structurele lasten worden met structurele baten gedekt. De gemeente werkt met een meerjarig sluitende begroting, waarbij gebruik gemaakt kan worden van een vereveningsreserve over de vier jaren van de meerjarenbegroting.
- Het budgetrecht ligt bij de raad. Het college doet voorstellen voor nieuwe beleidswijzigingen als deze wensen integraal tegen elkaar afgewogen kunnen worden met inachtneming van de beschikbare financiële ruimte. Deze afweging vindt op twee momenten per jaar plaats: bij de voorjaarsnota en bij de begroting. De gewenste investeringen worden afgewogen tegen de actuele financiële ontwikkelingen en risico’s. Tussentijds vindt geen nieuw beleid of uitbreiding van bestaand beleid plaats.
- Een voorstel van het college om geld uit te geven voor tussentijdse bijstellingen moet een compleet dekkingsvoorstel bevatten, in eerste instantie binnen hetzelfde product/programma. Er kunnen geen voorstellen worden gedaan waarbij de financiële consequenties worden doorgeschoven naar een later moment van voorjaarsnota of begroting. Uitzondering zijn situaties die een snelle besluitvorming vragen. Hiervoor wordt dan altijd een voorstel aan de raad gedaan. Een beroep op een mogelijk positief rekeningsaldo is niet mogelijk.
- Voor de uitvoering van beleid staan begrotingsposten ter beschikking. Elk collegelid is verantwoordelijk voor de financiële middelen binnen het eigen beleidsterrein. Overschrijdingen op begrotingsposten worden in eerste instantie gedekt binnen de desbetreffende producten/ programma’s.
- Lagere uitgaven dan begroot mogen worden ingezet ter compensatie van tegenvallers binnen hetzelfde product/programma. Maar mogen niet worden gebruikt voor intensiveringen.
- Hogere inkomsten dan begroot bij producten komen ten gunste van de algemene middelen en daarmee de integrale afweging. Ze worden niet direct of automatisch ingezet voor extra uitgaven.
- De raming van het gemeentefonds is gebaseerd op de circulaires van het Rijk en aannames van de gemeente. De uitkeringen gemeentefonds zijn vrij besteedbaar (algemeen dekkingsmiddel).
- Bij extra taken vanuit het Rijk (taakmutaties), specifieke/decentralisatie uitkeringen vanuit het Rijk en inkomende subsidies houden we rekening met uitvoeringskosten binnen de gemeentelijke organisatie, zowel in het primaire proces als bij bedrijfsvoering. We gebruiken daartoe standaard een deel van de extra middelen. Als richtlijn voor de overhead hanteren we hiervoor 10 procent van de extra middelen.
- Het Transformatiefonds wordt ingezet voor het dekken van de onrendabele top bij nieuwbouw van woningen.
- Een positief resultaat van de jaarrekening wordt bestemd bij de integrale afweging bij de Voorjaars- nota, met daarbij de volgende volgorde als algemene handelswijze:
- toevoeging aan de algemene reserve als het weerstandsvermogen onder de bandbreedte valt
- gebruik voor maatregelen die op dat moment noodzakelijk zijn
- toevoeging aan het Investeringsfonds
- Bij de begroting van 2024 wordt de indexatie van de OZB opnieuw bekeken. We onderzoeken een mix van inflatie en CAO-stijging om goed aan te sluiten bij de kostenstijging in de begroting.
- Met het opstellen van de begroting wordt jaarlijks rekening gehouden met de kosten die gepaard gaan met de groei van de stad. Deze kosten worden gedekt met extra inkomsten die gepaard gaan met de groei van de stad, zoals een hoge bijdrage uit het gemeentefonds, en hogere OZB inkomsten (agv areaal uitbreiding).
- Voor retributies, rechten en heffingen geldt als uitgangspunt dat deze 100 procent kostendekkend zijn, tenzij anders wordt besloten.
- Voor de mensen die de lokale lasten niet kunnen betalen, blijft het mogelijk kwijtschelding te krijgen. We onderzoeken de wijze waarop we de kwijtschelding in de begroting opnemen ((deels) onderdeel van het tarief, of (deels) onderdeel van de armoede middelen).
- We onderzoeken de mogelijkheid om de afvalstoffen- en rioolheffing te differentiëren naar huishoudtypen (eenpersoons/meerpersoons)
- De bandbreedte van het weerstandsvermogen handhaven wij op 1,4 – 1,8.
- Ons risicoprofiel wordt tweejaarlijks geüpdatet: bij de begroting en bij de jaarrekening. Bij de jaarrekening wordt ook bepaald of het weerstandsvermogen voldoende is. Indien het weerstandsvermogen past binnen de bandbreedte, worden er geen aanpassingen van de algemene reserve doorgevoerd. Pas als de bandbreedte wordt over-/onderschreden, vindt er een storting/afroming plaats. De risico’s en beheermaatre- gelen worden periodiek met de desbetreffende portefeuillehouders besproken.
- De portefeuillehouder Financiën ziet toe op naleving van de financiële spelregels, wordt tijdig geïnformeerd over afwijkingen en is betrokken in de voorbereiding op besluitvorming over dossiers die impact hebben op de financiële positie.
Waar nodig worden bovengenoemde regels verder uitgewerkt in de financiële verordening en uitvoeringsregels en voorgelegd aan de raad.
| Bedragen x € 1.000 | 2022 | 2023 | 2024 | 2025 | 2026 |
|---|---|---|---|---|---|
| Stand Begroting 2022 | 0 | 1.287 | 0 | -2.027 | -4.555 |
| Burap 2022 | -11.545 | ||||
| Autonome ontwikkelingen | -7.560 | -11.029 | -14.950 | 5.356 | |
| Doortrekken accres | -9.305 | ||||
| Financieel kader (+ is nadeel, – is voordeel) | -11.545 | –6.273 | -11.029 | -16.977 | –8.504 |
| Bedragen x € 1.000 | 2022 | 2023 | 2024 | 2025 | 2026 |
|---|---|---|---|---|---|
| Financieel kader | -11.545 | –6.273 | -11.029 | -16.977 | –8.504 |
| Structureel: Kansengelijkheid | 1.187 | 1.470 | 1.470 | 1.470 | |
| Structureel: Verstedelijking | 3.251 | 3.979 | 3.979 | 3.979 | |
| Structureel: Gezondheid | 699 | 834 | 834 | 834 | |
| Structureel: Economie | 89 | 148 | 178 | 178 | |
| Structureel: Veiligheid | 1.083 | 1.349 | 1.349 | 1.349 | |
| Structureel: Samenleving en bestuur | 103 | 155 | 155 | 155 | |
| Structureel: Financiën | 564 | 564 | 564 | 564 | |
| Structureel: Subtotaal structureel | 6.976 | 8.499 | 8.529 | 8.529 | |
| Incidenteel: Kansengelijkheid | 1.320 | 214 | 480 | - | |
| Incidenteel: Verstedelijking | 1.843 | 2.124 | 469 | 724 | |
| Incidenteel: Duurzaamheid | 1.600 | 1.500 | 1.500 | 1.500 | |
| Incidenteel: Gezondheid | 50 | 50 | 50 | 50 | |
| Incidenteel: Economie | 725 | 1.100 | 1.500 | - | |
| Incidenteel: Samenleving en bestuur | 128 | 571 | 571 | 571 | 443 |
| Incidenteel: Financiën | – | 52 | 52 | 52 | 52 |
| Incidenteel: Subtotaal incidenteel | 128 | 6.161 | 5.611 | 4.622 | 2.769 |
| Subtotaal (+ is nadeel, – is voordeel) | -11.417 | 6.864 | 3.081 | –3.826 | 2.794 |
| Verevening via reserve begroting | |||||
| Toevoeging | 9.945 | - | - | 2.794 | - |
| Onttrekking | - | -6.864 | -3.081 | - | -2.794 |
| Totaal (+ is nadeel, – is voordeel) | -1.472 | 0 | 0 | -1.032 | 0 |